Vervoer van Nederlandse/NATO Militaire voertuigen.Voor en tijdens de Koude Oorlog

In de jaren 50 t/m 90 van de vorige eeuw had Europa nog te maken met de Koude Oorlog en het ijzeren gordijn. De geallieerden waren in die tijd nog alom aanwezig in de verschillende zones van West-Duitsland die na WW2 ontstaan waren. De Koude Oorlog was op zijn hoogtepunt. Begin jaren zestig reden vele treinen beladen met militaire voertuigen naar de buurt van Fulda waar het vrije Westen een mogelijke eerste aanval van het Warschaupact verwachtte. Vanuit deze situatie had NS, samen met Defensie, een “oorlogsspoorboekje” samen gesteld voor het geval rups per rail, en wiel per weg werkelijkheid zou worden.
De Nederlandse Spoorwegen zijn wettelijk verplicht om in deze onplezierige tijden Defensie voorrang  boven al het andere spoorwegverkeer. Voor de Sherman- en Centuriontanks werden in 1954 NS 581001-581025p gebouwd naar voorbeeld van de Duitse (!) SSy45. Benaming Ct-Demel. DML: Directoraat Materieel Landmacht officieel (verbasterd tot demel)  en werd uiteindelijk veranderd in DMKL: Directoraat Materieel Koninklijke Landmacht.
In 1965 kregen deze vierassers de UIC nummers 21 84 845 0 001 ~ 026p, in 1981 werden ze weer vernummerd, nu in 33 84 463 3 001 ~ 025p (nieuwe typeaanduiding Slmmp), per 1-1-1989 werden de laatste afgevoerd. Voor 1968 was Defensie voor het grootste deel afhankelijk van wat de Deutsche Bundesbahn aan plattewagens voor het zware vervoer beschikbaar zou stellen. Om niet afhankelijk van de DB te zijn bestelde Defensie in 1968  478 plattewagens voor zwaar militair vervoer.   Deze bestelling diende tevens als aanvulling en vervanging van de inmiddels gesloopte CT-DEMEL-wagen  Een zo’n wagen bevindt zich bij CSY: CT Demel ex-Min. van Defensie 21 84 845 0 009-0 (oorspr. NS 581009P). In 1971 zijn door Defensie nog eens 75 nieuwe wagens (6-assig) besteld ten behoeve van de zwaardere Leopard-tanks: Salmmps 31 84 046 9 100 ~177p -> Sas 33 84 483 3 000 ~ 077p. Benaming Lp-Demel. In de jaren ’85/6 werden nog eens 403 nieuwe 4 en 6-assers besteld als aanvulling en vervanging..
De zwaartransportwagens, de CT-Demels (eerst vieras en ook zesas, de oudste) werden gebruikt voor de zware tanks van de Tankbataljons:
11 Tkbat              Oirschot
41 Tkbat              Hohne (BRD)
43 Tkbat              Langemannshof (BRD)
59 Tkbat              ’t Harde
101 Tkbat            Soesterberg

Verkenningseenheden:
11 ZVE RHB     Schaarsbergen            1968-1983
13 ZVE RHB     Oirschot                      1967-1983
41 ZVE RHB     Seedorf (BRD)             1963-1983
42 ZVE RHB     Nunspeet                    1968-1983
43 ZVE RHB     ’t Harde                       1966-1983

Laadplaatsen waren in Best, ‘t-Harde en Amersfoort.

Hier begon het eigenlijk al. Lossen van plattewagens aan de Mulberrypier in Normandie 1944.

Aan de veelheid van uniformen met hoge rangonderscheidingstekens en de burgers is af te leiden dat het hier om een demonstratie gaat van nieuw materieel

Het materaal is geladen. Let even op de losse buffers die van de mobiele laadplaats zijn,

Een Leopard 1 bestijgt de trein.

Bij mobiele laadplaatsen bleef de locomotief altijd als stut tegen de trein staan.

In het echgie, nu zijn er geen “golden boys” te zien, worden de Bergingstanks als laatste geladen

Tussen een (Leopard) bergings en Genie tank zit een verschil. De Genie versie heeft op de kraan een hekwerk staan, De Bergings versie mist deze…..

De trein wordt nog na gelopen en dan is het vertrek daar. (foto van internet)
Voor de Chaffee- en AMX-tanks alsmede alle andere Cavalerie rupsvoertuigen (van welk onderdeel dan ook) werden gewone S-LWO’s (later Kbs) gebruikt.

Om af-en opladen te realiseren op plaatsen waar geen laad-en losplaats is ontstonden de zogenoemde mobiele laadplaatsen, HellingWagens, hadden de nummers 581101-104p (Hw-Demel). UIC-nummers: 20 84 040 2 001-004p.

De Centuriontank in ‘t-Harde

Voor de val van de muur en volgens het Oorlogsspoorboekje moeten alle vervoersstromen in juiste banen geleid worden zowel nationaal als internationaal. Hiervoor komen de spoorwegcommissies  van de NAVO  nog steeds eens per jaar  in een van de lidstaten bijeen Het invoeren van de “nooddienstregeling” heeft de NS de plicht om al het mogelijke te doen om het Militairspoorvervoer voorrang te geven boven het reguliere vervoer en dat heeft nog al wat consequenties . Bijna al het getrokken materieel zal dan onder Defensie vallen. In deze tijd van spanningen werden dan ook de laadplaatsen voor zwaar militairmaterieel in ‘t-Harde, Assen en Amersfoort uit de grond gestampt.

  Front  met een 180 graden gedraaide toren, van de voorloper van de Leopard A1 ( A1V ), de Centurion-tank , ! Deze tank is mede herkenbaar aan de kistjes aan de toren – ookwel geschutskoepel in niet-cavalerie-taal ). Sporenplan ‘t-Harde

Kijkend in de richting van het laadplatform. Links de inspectiekuil voor het kleinonderhoud ven de  wagens

Kijkend in de richting Zwolle

Lange rijen transportwagens wachten op hun inzet

Slmmps 33 84 473 5 072-3 van de NS wacht op een inzet. De wagen heeft als depot Zwolle op de stelbalk staan.

Voor het laden en zekeren van de zware pantsers en wielvoertuigen waren door Defensie en NS regels opgesteld

                           

Over een van de zeven kopsporen wordt een Leopard geladen. De stempel die het doorzakken van de wagen moet tegengaan, is nog niet geplaatst. Om de tanks tijdens het transport te beschermen worden manchetten aangebracht om de loop van het kanon en van de vatgemonteerde mitrailleur. Ook de overgang tussen loop en geschutskoepel krijgt zo’n beschermkleed. Voor het transport op de trein wordt de geschutskoepel naar achteren gedraaid. De loop komt daarbij te rusten op de roosters rechtsvoor (eigenlijk dus rechtsachter)
van de tank. De loop wordt daarbij naar beneden gericht en wijst strak naar de rechter buffer. De loop wordt geborgd met een ketting om de loop.

Volgens de voorschriften moeten voor de zware pantsers stalen keggen gebruikt worden zo wel aan de binnen als aan de voor en achterzijde van de rupsen.

Een dienstplichtige bezig met het plaatsen van de keggen.

Als vervanger voor de verouderde Centurion werd in 1968 een order voor 415 Leopard A1 bij de Duitse industrie geplaatst. Gevolgd door nog een order voor een extra bataljon. De vervanging van de A1 volgde in 1982 met 10 stuks per maand. Na het verdwijnen van het ijzeren gordijn was ook de traditionele vijand verdwenen en gingen wij ons richten op een beroepsleger en de inzet in conflictgebieden. Voor de organisatie en de inzet  veranderde er niet zo veel! Ja we waren de vijand kwijt maar daar voor in de plaats kwamen de zgn. vredesmissies en een verandering van materieel.

Trots presenteert de eerste Leopard A1 zich aan ons leger. Let er eens op dat de tank, net als een schip, een naam heeft!

De artillerie was ook al voor het grootste deel overgegaan op de gemotoriseerde M-109-Houwitser

Een Leopard bergingstank en een luchtdoel PRTL op een Leopard onderstel met een gewijzigde radarscanner. PRTL staat voor PanserRupsTegenLuchtdoelen ook wel Pruttel genoemd. Cheetah is een verkeerde naam welke per ongeluk in de boeken is gekomen.

Bij het laden en lossen van zo’n zwaar pantser kan er wel eens wat mis gaan.

De nieuwe Rlmmps651

Salmnps706

Salmnps834  .Als Defensie geen emplooi voor het eigen materiaal heeft worden deze wagens verhuurd aan particulieren zoals hier aan spoorbouw voor het transport van de zware betonnen onderconstructies voor de bovenleiding .

Het ID van de wagen kan men aflezen op de zijkant van de wagen. Opvallend is wel dat DVVO niet kan worden gebeld, faxen gaat wel!?

De eerste Golfoorlog  zorgde voor een verhoogt aanbod van US-materieel aan de Nederlandse en Belgische zeehavens. Daar dit soort transporten nogal gevoelig lag in Nederland gingen de wielvoertuigen via Rotterdam en de rupsen via Antwerpen. In Essen (B) staan lange treinen te wachten voor doorvoer naar Rotterdam.

   

Daar de Nederlandse politiek zijn medewerking aan vredes- en handhavingmissies had toegezegd, en de kans groot was dat er ook pantsers geleverd moesten worden, kreeg de militaire laad- en losplaats ‘t-Harde een opknapbeurt. Dit gaan we later in model namaken!

Het laden/lossen van een verkenners eenheid op Ks-en aan de zijlading.

De laatste versie van de Leopard, de 2A6 op transport ergens in Duitsland

Pantsers en zware ondersteunende wielvoertuigen, zoals kraan/takelwagens, gaan over de koplading.

PRTL (Pruttel) op een Slmmnps
Let op de stalen overlopen boven de buffers van de spoorwagens. In model zijn deze helaas door de fabrikant vergeten aan te brengen.

LIEBHERR kraanwagen. Let eens op de vastzet methodes. Kruisbanden en keggen volgens de geldende voorschriften voor het vervoer van zware voertuigen. Een ondersteuningswagen met een “Aap trasporter” aan de achterzijde. In iedere trein is voor het militaire personeel een begeleidingsrijtuig  opgenomen .DVVO huurt hiervoor meestal rijtuigen van de DB in

Een Bergpanser bezig met de gedemonteerde brugdelen van een bruggelegger op een Ks te plaatsen. De brug kan niet op de pantser blijven liggen daar hij meer als buiten profiel is.

De bij elkaar gebonden brugdelen in de Ks. De bruggenlegger zelf heeft een plaatsje gevonden op een van de Slmmnps-en

De machinist van deze trein was met de 203-2 onderweg
richting Amersfoort terwijl er in ’t Harde twee geladen
militaire treinen stonden. Een was nog geen loc voor aanwezig
de andere was er al wel, de 6449. Deze gaf echter de geest
en zo werd de losse locrit er een met trein
Nadat de Volker aangekoppeld had (vertrek 20.05 uur)
liep vanuit Amersfoort de 6402 binnen voor de andere trein.

Tijdens de tweede Golfoorlog  ging veel Amerikaans materieel via de Rotterdamsehaven naar Irak. Later is veel materiaal vervangen en dat ging dan weer via Steinweg in de Botlek. Hier de duwende locomotief thv de Maassilo aan de Botlek.

De rangeerders en Mch stonden met radio control op de voorste Ks

Div materiaal op div platte wagens

       

De Amerikanen hebben speciaal aangepaste begeleidingsrijtuigen voor hun Militairpersoneel in dienst.

Trein met Genie materiaal passeert Amersfoort

       

Overtollig en verkocht materieel gaat met reguliere RoRo schepen naar de plaats van bestemming.

RTM tram met oude voertuigen uit de 2e Wereldoorlog

Kijk uit de Russen komen. Vlaardingen tijdens de 5 mei feesten in Vlaardingen.

Foto’s
Min. Van Defensie
Hans Reints
Johan de Reuver
Leo Kwetters
Jan Willem Penris